Sport en cultuur: inzicht in patronen in belangstelling en beoefening

donderdag, 20 oktober 2016

Het rapport Sport en cultuur, patronen in belangstelling en beoefening van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) geeft een actueel beeld van de participatie bij uiteenlopende sportieve en culturele activiteiten. Deze 'participatie' omvat beoefening, bezoek en het volgen van sport en cultuur via de media als het ondersteunen van sport en cultuur via vrijwilligerswerk. Op basis van gegevens hierover uit de Vrijetijdsomnibus, wordt de betekenis van sport en cultuur in het dagelijks leven belicht. 

Op hoofdlijnen telt sport meer actieve beoefenaars dan cultuur. 61% van de Nederlandse bevolking doet aan cultuurbeoefening - bijvoorbeeld schilderen of het bespelen van een muziekinstrument - terwijl 76% van de bevolking één keer per jaar of vaker een sport beoefent. 

  één keer per jaar of vaker één keer per maand of vaker/twaalf keer per jaar of vaker
Sportbeoefening 76% 69%
Cultuurbeoefening 61% 43%

Tabel 1: Beoefening van Sport en cultuur, Nederlandse bevolking van 12 jaar en ouder, 2014. Bron: SCP/CBS Vrijetijdsomnibus 2014

Daar staat tegenover dat cultuur meer bezoekers trekt dan sport; 92% van de bevolking bezoekt minstens één keer per jaar een culturele activiteit, zoals een filmvertoning, een cabaretvoorstelling, of een klassiek concert. Voor sportactiviteiten is dit percentage 51%.

Op het gebied van persoonskenmerken zijn er nuanceverschillen in de groepen die betrokken zijn bij sport dan wel cultuur. Participatie in sport is meer aan leeftijd gebonden, die in cultuur is meer met de opleiding verbonden. Toch is er bij een aanzienlijke groep overlap in de belangstelling en beoefening voor sport en cultuur: de helft van de mensen bracht in 2014 namelijk (minstens één keer) een bezoek aan zowel een sport- als een cultuurevenement, en de helft beoefende zowel sport als cultuur (minstens één keer).

In de betrokkenheid bij sport en cultuur zijn er vijf groepen te onderscheiden, die in verschillende mate vertegenwoordigd zijn onder de Nederlandse bevolking (zie figuur 1). De niet-sportieve cultuurliefhebbers (13% van de bevolking) combineren een meer dan gemiddelde betrokkenheid bij cultuur met een minder dan gemiddelde sportbeoefening. De sportende cultuurliefhebbers (8%) zijn gulzige ‘omnivoren’ met veel interesse in zowel cultuur als sport. De sportvrijwilligers (20%) combineren een licht bovengemiddelde cultuurinteresse en een ondergemiddelde sportinteresse met een hoge inzet voor sport als vrijwilliger. De niet-sportieve middengroep (30%) ‘scoort’ in de breedte gemiddeld op cultuur, maar laag op sportbeoefening. De niet-culturele sportliefhebbers (30%) tot slot hebben weinig met cultuur, maar veel met sport.

Figuur 1 Aandeel vijf groepen getypeerd naar sport- en cultuurdeelname in de bevolking (Bron: SCP/CBS)

Figuur 1: Aandeel vijf groepen getypeerd naar sport- en cultuurdeelname in de Nederlandse bevolking van 12 jaar en ouder, 2014

In geen van deze groepen sluiten sport en cultuur elkaar volledig uit, zo constateren de auteurs van het rapport. De conclusie luidt dan ook dat de inspanningen om meer mensen te betrekken bij sport dan wel bij cultuur elkaar deels beconcurreren bij het benaderen van de doelgroepen. Tegelijkertijd vullen de inspanningen elkaar aan; er zijn immers wel verschillen te ontdekken in de personen die bij cultuur of bij sport betrokken zijn.

Nieuwsgierig naar alle bevindingen? Lees hier het volledige rapport van SCP: Sport en Cultuur. Patronen in Belangstelling en beoefening.

Bron: Cultuurnieuws

Bron beeld: Pixabay / Skeeze