Eigen inkomsten openbare bibliotheken

Wanneer de eigen inkomsten van bibliotheken wordt gecorrigeerd voor inflatie, wordt een daling van 10% tussen 2005 en 2013 zichtbaar. De daling wordt vooral veroorzaakt door verminderde inkomsten uit gebruik van de bibliotheek, zoals abonnementsgelden en leengelden die bibliotheekleden betalen (Zie: bibliotheekmonitor.nl).

Deze trend hangt samen met het afnemende gebruik van bibliotheken (uitleningen van en digitale toegang tot collectie). Daarnaast zijn er steeds minder volwassenen lid van de bibliotheek, terwijl dit deel van het ledenbestand nu juist een belangrijke bron van inkomen uit contributies was.

Bovendien is het aantal openbare bibliotheekorganisaties sterk gedaald in 2005-2013. Door fusies zijn grotere basisbibliotheken tot stand gekomen. Per organisatie zijn er zodoende meer inkomsten, wat door de schaalvergroting ook noodzakelijk is.  

Naast een daling in eigen inkomen, zien bibliotheken ook een lichte vermindering van subsidies. Subsidies van gemeenten en provincies dalen in 2005-2013 met 2%  (Zie: Bibliotheekmonitor: Trends bibliotheken)*. Uit de cijfers blijkt dat zowel eigen inkomsten als subsidies voor bibliotheekorganisaties vooral in de periode 2010-2013 dalen

* Voor een goede vergelijking met de trend in eigen inkomen van bibliotheken, is de in de cultuurindex gehanteerde inflatiecorrectie ook toegepast op subsidiebedragen.

Bron: 

Centraal Bureau voor de Statistiek, CBS Statline, bij de samenstelling van de cijfers zijn gegevens gebruikt van het Bibliotheek Informatie Systeem (BIS) van de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB).