Meer dan 8 miljoen museumbezoeken met Museumkaart in 2015

Space Expo accepteert sinds kort ook de Museumkaart
14 januari 2016

Zoals uit de Cultuurindex Nederland blijkt, lukt het de museumsector steeds meer bezoekers aan te trekken. Het aantal museumbezoeken is dan ook gestegen van 19,6 miljoen in 2005 naar 26,5 miljoen in 2013. Dit is een stijging van maar liefst 35 procent. De toenemende populariteit van de Museumkaart hangt hiermee samen.

Een derde van museumtickets wordt gekocht met Museumkaart

Vorige week maakte de uitgever van de Museumkaart, de Museumverenging, bekend dat het aantal museumkaarthouders in tien jaar tijd bijna is verviervoudigd naar 1,2 miljoen. Het bezoek met de kaart is in 2015 3,5 keer zo groot, namelijk 8,3 miljoen museumbezoeken (zie Figuur 1). Dit betekent dat bijna één op de drie museumtickets gekocht wordt met de Museumkaart. In 2005 was dit nog één op de acht. 

Indexcijfers aantal verkochte museumkaarten en aantal museumkaartbezoeken 2005-2015

Extra bezoek door Museumkaart

Onderzoek in 2012 van SEO Economisch Onderzoek schat - op basis van onderzoek- dat kaarthouders drie keer zo vaak een museum bezoeken dan zij zonder kaart zouden hebben gedaan (Van der Werff & Koopmans, 2013). In 2012 leverde de Museumkaart dan ook 21 procent extra bezoeken op. Deze 3,4 miljoen museumbezoeken zouden er niet zijn geweest als er geen Museumkaart zou hebben bestaan. Dit betekent dat een stijging in Museumkaarthouders zeer waarschijnlijk ook heeft bijgedragen aan de stijging in museumbezoeken in de afgelopen jaren.

Succesvolle museumsector

Kaarthouders gebruiken hun kaart vaker dan 10 jaar geleden, bijna 7 keer in 2015 (zie Figuur 2). De populariteit van de kaart benadrukt de merkbaar sterke binding tussen musea en publiek. Uit recent onderzoek van het SCP blijkt dat het aandeel van de bevolking dat jaarlijks minstens één keer een museum bezocht (het bereik), is gestegen van 48 procent in 2012 naar 52 procent in 2014 (zie De Sociale Staat van Nederland, 2015). Het SEO onderzoek geeft echter geen uitsluitsel of ‘nieuwe’ museumbezoekers dankzij de Museumkaart een museum bezochten. Het verhoogde publieksbereik en de toegenomen populariteit van de Museumkaart zijn waarschijnlijk beide resultaten van een succesvolle museumsector, waar de afgelopen jaren veel grote instellingen hun deuren heropenden met veel belangstelling tot gevolg.  

gemiddeld aantal museumbezoeken met museumkaart 2005 2015

Populariteit Museumkaart ondanks prijsstijgingen toegenomen

De Museumkaart wordt geëxploiteerd door Stichting Museumkaart, een ongesubsidieerde instelling zonder winstoogmerk. Deze stichting heeft door de toenemende populariteit van de Museumkaart ook te maken met stijgende kosten, en heeft daarom de prijs van de Museumkaart moeten verhogen. Daardoor was de kaart eind 2015 bijna twee keer zo duur (gecorrigeerd voor inflatie) als in 2005, namelijk € 51,36*. De kaart is dus vaker verkocht óndanks dat de prijs substantieel is gestegen. Dat wijst op een uitzonderlijk hoge prijselasticiteit, die verschillende oorzaken kan hebben.

Enerzijds zijn entreeprijzen van musea hoger; door bezuinigingen op subsidies hebben zij hun eigen inkomsten moeten (en kunnen) verhogen (zie Webmagazine CBS 5 augustus 2009 en Museumkaartjaarverslag 2014). Anderzijds zijn consumenten door de economische crisis wellicht zuiniger, en kopen zij een museumkaart omdat dit – bij frequent museumbezoek – voordeliger is. Bovendien brengen veel Nederlanders vakantie door de economische crisis in eigen land door, waardoor zij ook de Nederlandse musea vaker bezoeken (Pontzen, 2012). De toename van het aantal Museumkaarten en bezoeken in de afgelopen jaren hangt ook samen met de (her)openingen van musea (wat met veel publiciteit gepaard ging), bijzondere tentoonstellingen en uitbreiding van het aantal musea dat de kaart accepteert. Sinds 1 januari is de kaart ook geldig in Kasteel Huis Bergh, Kasteel Cannenburgh, Kasteel Heeswijk, Jan Uten Houte, De Looijerij, Micropia, Museum Nijkerk, het Noord Veluws Museum en Space Expo (zie Persbericht Museumvereniging 6 januari 2016). Daarnaast zetten instellingen in op meer publieksgerichte tentoonstellingen: musea besteden steeds meer aandacht aan de ‘beleving’ van een tentoonstelling, of organiseren evenementen rondom de exposities (Bijl 2014, aangehaald in De Staat van Cultuur 2).

Museumsector op de kaart

Wat betekent dit voor musea? De Museumvereniging ziet de museumkaart als een middel voor collectieve promotie, om de gehele sector ‘op de kaart’ te zetten. Individuele musea ontvangen bovendien dankzij de kaart meer bezoekers, en verdienen daardoor ook meer met hun horeca en winkels, aldus de Museumvereniging (zie Beleidsplan Museumvereniging 2015-2017).

 

 * Bij het toepassen van de inflatiecorrectie, hebben we dezelfde bron gehanteerd voor inflatiepercentages als voor de Cultuurindex Nederland, namelijk CBS (zie Persbericht CBS 7 januari 2016).

Foto: Flickr / Bert Knottenbeld